Thank God we have Brussels by Nadia Fadil

Traduire en Français

Thank God we have Brussels![1]

Over het Brusselse kosmopolitische escapisme, en haar gevolgen voor Vlaanderen

Nadia Fadil is als sociologe aan de

Europese Universiteit in Firenze en de KULeuven verbonden.

Vaak ben ik jaloers op de Brusselse Maghrebijnen. Niet alleen omdat zij de flamboyante Rue de Brabant hebben en wij het moeten stellen met de grijze en troosteloze Handelsstraat, of omdat zij Avenida hebben, de enige echte Marokkaanse diner aan Lemonnier, en het tevergeefs zoeken is naar een vergelijkbare eettent in Antwerpen die een even lekker Marokkaans ontbijt opdient. Wat ik vooral benijd is het gemak waarmee ze overal een grote mond kunnen opzetten, tot in de verschillende schepencolleges toe, en de manier waarop ze hun stad claimen. Geboren en getogen Brusselaars, of ‘Maroxellois’ zoals sommigen zich ook noemen. In vele gesprekken valt mij telkenmale de verbondenheid met hun stad op. Fier en trots Brusselaars te zijn. O wee zij die het in hun hoofd halen naar de échte Brusselaars te vragen, of hen allochtoon te noemen. Een fierheid die zich soms ook in een chauvinisme en arrogantie vertaalt ten aanzien van de Dansaert-Vlaamse nieuwkomers die Brussel hip en kosmopolitisch willen maken. Brussel, waar minderheden thuis zijn.

nfbig

Wat een contrast met de moeilijke verhouding die ik als Antwerps-Maghrebijnse heb met mijn stad. Niet alleen omdat een partij die al een tijdje vanuit de oppositie de plak zwaait ‘ons’ minderheden liever ziet opgaan in het Vlaamse verkavelde landschap. Maar ook omdat het vandaag moeilijk is om mij ondubbelzinnig fier en trots Antwerpse, of nog moeilijker, Vlaamse te noemen. Een haat-liefdeverhouding kenmerkt mijn relatie tot mijn thuishaven. Het is een stad die mij heeft gevormd en gemaakt. Ze is drager van een taal waarin ik mij het beste kan uitdrukken. Maar ze vertegenwoordigt een gebied, een regio, die mij in eerste instantie ziet als allochtoon.

nf1

De laatste jaren verkondig ik daarom steeds luider aan al wie het horen wil dat mijn dagen in Antwerpen geteld zijn. Te conservatief en kleingeestig. Laat de racistische en nationalistische taalobsessievelingen maar stikken in hun kleigrond, ik zal wel elders mijn heil zoeken. Brussel, de enige échte grootstad van dit land, komt dan aardig in de buurt van een alternatief niemandsland waar ik, omringd door andere minderheden, mijn fortuin kan zoeken. Bye bye rechts Vlaanderen, Brussel lonkt en roept me bij zich.

Maar laat me even stilstaan bij de enorme aantrekkingskracht die een stad als Brussel op iemand als mij uitoefent, en vooral hoe deze fascinatie, of zelfs adoratie, ook een malaise en defaitisme vertaalt. Een malaise die niet alleen voortvloeit uit het eenzijdig wit beeld dat Vlaanderen van zichzelf ophangt maar ook uit het onvermogen een alternatief verhaal over Vlaanderen te vertellen.

Vertel mij over Brussel en ik vertel je wie je bent

Wanneer men over Brussel spreekt, over welk Brussel heeft men het dan? Over het Brussel van de 200.000 Vlaamse pendelaars, die haar vooral als lege stad aanschouwen, als een administratieve kern waar vooral wordt gewerkt maar die ook afschrikt door haar onoverzichtelijkheid en wanorde? Heeft men het over het Brussel van de Europese ambtenaren, die Brussel als een point-de-passage obligé zien in hun internationale carriere, als een transitzone die (gelukkig) goedkope weekendretours naar huis of naar andere, meer opwindende Europese centra biedt? Of heeft men het over het Brussel van de (progressieve) Vlamingen, die in de hoofdstad het bruisende culturele landschap opzoeken, het onnoemelijke aantal festivals en haar kosmopolitisme? Want er is ook het Brussel van de Belgische (en andere) Maghrebijnen, die de stad vooral als thuishaven van de Rue de Brabant kennen, waar de laatste arabische pop of modieuze made in china-kleren voor weggeefprijzen kunnen worden gekocht tussen het flaneren en het geflirt door. En er is ook het Brussel van de ‘rondhang’-jongeren, die aan verschillende straathoeken en metrostations staan te wachten op de tijd die voorbij gaat. Er is, tot slot, ook het Brussel van de daklozen, van de vagebonden, van de niet-gedocumenteerde migranten, die zich de banken en pleintjes van de stad hebben toegeëigend en in de schaduw van bomen en kerken hun verdriet al lachend wegdrinken.

Brussel verschijnt als een naakte canvas waarop verschillende verhalen en ideaalbeelden als losse en veelkleurige lijnen kunnen worden neergezet. De onmogelijkheid Brussel tot één verhaal te fixeren, haar identiteitsloosheid, boeit en verleidt. Er lijken geen absolute waarheden over Brussel te gelden. Elk spreken over de stad is relatief, want het is vooral een spreken over jezelf. Spreken over Brussel verraadt immers je identiteit, zegt iets over de kringen waarin je vertoeft, de positie die je bekleedt. Het vertaalt persoonlijke verzuchtingen, wensen of verlangens. Spreken over Brussel wordt daarmee intiem en vertrouwelijk.

nf3

Net als elke stad bestaat Brussel vooral bij gratie van zij die haar willen verbeelden. Maar in het geval van Brussel geldt een veelzijdigheid aan verbeeldingen, een ware polyfonie aan stemmen die een uitdrukking zijn van de verschillende werelden die de stad omvat. Met haar naar schatting 46% inwoners van niet-Belgische origine behoort Brussel tot een van de meest multiculturele hoofdsteden van Europa (Willaert & Deboosere, 2005). Hoewel officieel tweetalig, is het in realiteit vooral een meertalige stad waar een Egyptenaar met zijn Arabisch zich sneller een weg baant in de straten rond het Zuidstation dan een Nederlandse met haar Nederlands. Migranten in Brussel zijn meer dan toevallige passanten of storende elementen. Met Brussel onderhouden ze een relatie van genegenheid en nabijheid, aangezien zij de leeggelopen wijken opvulden toen de meer gegoede Brusselaars in de jaren ’60 en ’70 de stad verlieten voor de groene rand. In die stille jaren, toen niemand om Brussel gaf, zorgden zij voor de stad en markeerden er hun aanwezigheid in de verschillende façades en straathoeken.

Brussel incarneert bovendien een postnationalistisch project, een plek waarin mythes van de natiestaat, ideeën van orderlijkheid en eentaligheid, op een indrukwekkende wijze worden uitgedaagd. Voorbij de eenvormige identiteit. Meer dan andere steden in België, en andere hoofdsteden in Europa, bestaat Brussel vooral doorheen de verschillende groepen die haar claimen. Zelfs in haar rol als hoofdstad is ze verdeeld tussen een nationale staat (België), verschillende taalgemeenschappen (Vlaanderen en Franstalige gemeenschap) en een transnationale gemeenschap (Europa) die haar als jaloerse minnaars opeisen. In tegenstelling tot Parijs of Londen, fungeert Brussel niet als uitstalraam van één nationaal project, of van een Empire van weleer – hoewel de statige ruimtelijkheid rond het koninklijk paleis ons wel herinnert aan dergelijke vroegere ‘betrachtingen’. Haar wereldbekendheid dankt Brussel vooral aan de Europese rol die ze vervult, en de nationale interesse die ze opwekt is vooral gestoeld op de communautaire twisten die het land doorkruisen.

Brussel als multiculturele grenszone, verschijnt dan ook als alternatief op het verhaal van ééntaligheid, uniformiteit en beklemmend regionalisme dat vandaag steeds vaker in Vlaanderen lijkt te gelden. Waar Brussel ons een verhaal van meervoudige identiteiten en hybriditeit voorschotelt, lijkt Vlaanderen steeds vaker voor strakke identiteit, eentaligheid en overzichtelijkheid te kiezen. Ook al presenteert Antwerpen zichzelf als metropool, het is vooral een metropool in Vlaanderen, de artistieke (internationale) niches uitgezonderd. Het is een stad van iedereen, maar het is bovenal een stad van iedereen die het Nederlands machtig is en geen hoofddoekje achter een loket draagt. Brussel, als multicultureel eiland in het witte Vlaanderen, biedt zich dan ook als als een meertalige schutplaats temidden regio’s die zich vooral in hun eentaligheid en uniformiteit presenteren, hetzij Franstalig, hetzij Nederlandstalig. Het discours over Brussel is er immers één van multiculturalisme in de diepe betekenis van het woord. Niet enkel in haar samenstelling, maar ook in de meervoudige identiteiten die het draagt, in de verschillende loyaliteiten die het toelaat.

nf5

Verheerlijking als malaise

Deze verheerlijking van Brussel als veelzijdige en multiculturele grootstad mag dan nog een ademruimte bieden voor mensen zoals ik die het verhaal van wit Vlaanderen moe zijn, het bevat ook een aantal valkuilen.

Niet alleen omdat het ons dreigt blind te maken voor de hardheid van de stad, voor het feit dat de huidige hype rond Brussel met een prijs komt die door de sociaal-economisch zwakste groepen het zwaarst wordt betaald. Met haar naar schatting 20% armoede, is Brussel een duale grootstad geworden, waar haves and have-nots steeds scherper van elkaar kunnen worden onderscheiden, en afgescheiden. Een wandeling door de straten rond het Josephatpark geeft een ander beeld van Schaarbeek dan een wandeling rond het Liedtsplein, en de vele slapende daklozen herinneren ons aan de kwetsbaarheid van sociale vangnetten in een steeds duurder wordende grootstad. De Europeanisering mag onze hoofdstad dan wel resoluut op de transnationale kaart hebben geplaatst, als globaal centrum illustreert het ook vooral de hardheid van laatkapitalistische ontwikkelingen, de afbrokkeling van onze welvaatsstaat. Het discours over Brussel als multicultureel alternatief mag ons bovendien niet doen vergeten dat discriminaties en racisme wel degelijk binnen de hoofdstad bestaan. Recente onderzoeken wijzen erop dat Maghrebijnse, Turkse en Afrikaanse minderheden het tot drie maal moeilijker hebben om aan een job te geraken in de grootstad (Martens, Ouali et al., 2005), en ook in Brussel lijkt een Franstalige assimilatiedenken en rigide laïeke retoriek geen ruimte te bieden voor hoofddoekjes op school of achter het loket. Een kosmopolitische realiteit betekent nog geen kosmopolitische mentaliteit.

Wat echter vooral stoort aan de multiculturele verheerlijking van Brussel is de ironische, bijna tegennatuurlijke, alliantie die ze voedt: die tussen de Brussel-minnende Vlamingen en de nationalistische Vlaams krachten. Eerder dan een rechts-nationalistisch beeld van Vlaanderen te doorprikken, lijkt deze voorstelling van Brussel, als grenszone, deze juist in stand te houden, en zelfs te voeden.

nfbig4

De verbeelding van Brussel als multicultureel eiland plaatst deze stad immers resoluut buiten de verbeelding van Vlaanderen, fixeert het tot alles wat Vlaanderen niet is. Terwijl voor progressievelingen de hoofdstad als een bruisende wereldstad verschijnt die in schril contrast staat met een door taal geobserdeerd Vlaanderen, betekent Brussel voor Vlaamse nationalisten vooral een chaotische stad die afwijkt van een ‘goed bestuurd’ Vlaanderen, van de overzichtelijkheid en eentaligheid die wordt nagestreefd. Beide discours berusten echter op dezelfde eenvormige voorstelling van Vlaanderen, en localiseren de hybriditeit en kruisbestuivingen vooral in Brussel.

Eerder dan deze te ontkrachten, lijkt zo’n kosmopolitische celebratie van Brussel Vlaanderen dan ook vooral te versterken in haar eendrachtig streven naar homogeniteit, uniformiteit en eentaligheid. Door haar multiculturele verzuchtingen op een andere stad te projecteren wordt forfait gegeven aan het witte Vlaanderen en haar regionalistische impulsen. Zowel voor progressievelingen als nationalistische conservatievelingen belichaamt Brussel immers een ander model, één dat afwijkt van het nationalistische streven naar uniformiteit dat vandaag de boventoon heeft in Vlaanderen. Het Brusselse kosmopolitisch escapisme lijkt daarom eerder een defaitisme uit te drukken, en daardoor bijna een onwillige bondgenoot te zijn van rechts Vlaanderen.

Want wat betekent het voor Vlaanderen (en voor België) wanneer minderheden zich enkel ‘thuis’ mogen voelen in een plek die vooral bevolkt is door passanten? Wanneer migranten enkel liminale ruimtes of grenszones zoals Brussel kunnen opeisen? Betekent het geen failliet voor Vlaanderen (en voor België) wanneer haar heterogeniteit enkel tot uiting kan komen in rechtsgebieden die niemand toebehoren?

Brussel als spiegel voor het andere Vlaanderen

Eerder dan als ander model te gelden, moet Brussel niet vooral als spiegel dienen voor Vlaanderen? Een spiegel die haar confronteert met haar multiculturele realiteit. En eerder dan als vluchtzone te fungeren, moet Brussel ‘ons’, Brusselminnende Vlamingen en Nederlandstalige Brusselaars, niet vooral wijzen op onze onbekwaamheid andere verbeeldingen voor Vlaanderen te bedenken, Vlaanderen op een andere manier te vertellen? Een Vlaanderen dat vandaag lijdt omdat het niet in vrede leeft met een deel van zichzelf. Een Vlaanderen dat vandaag kwetst omdat het een deel van haar kinderen als allochtonen blijft bestempelen.

De verschillende migratiegolven die ons land heeft gekend hebben geen halt gehouden aan de Brusselse rand, maar hebben zich tot diep in Vlaanderen doorgezet, en gaan nog steeds door. Intussen komt bijna de helft van de Antwerpse schoolgaande jeugd uit een meertalig gezin en zijn de belangrijkste steden in Vlaanderen tot multiculturele zones geëvolueerd. Sinds een aantal jaren laten deze minderheden in Vlaanderen zich dan ook steeds vaker en luider horen, zowel politiek, artistiek, intellectueel alsook economisch. Ze dagen het Vlaanderen dat zich als uniform wil voorstellen uit. Ze doorprikken haar eentaligheid, haar idee van neutraliteit, en hebben wijken als Borgerhout of Antwerpen-Noord tot hun werkterrein uitgeroepen. Ook al wil een groot deel van Vlaanderen niet mee, deze bastaardkinderen uit haar roekeloze migratieaffaire manifesteren zich, en eisen hun plaats op.

nf

Brusselminnende Vlamingen en Nederlandstalige Brusselaars hebben dan ook een belangrijke verantwoordelijkheid in het mee vormgeven aan deze multiculturele verbeelding van Vlaanderen en verzet bieden aan haar eenzijdige representaties. Want net als Brussel bestaat Vlaanderen vooral bij gratie van zij die haar willen verbeelden, maar in tegenstelling tot Brussel blijven deze andere verhalen over Vlaanderen veelal ongekend.

Laat ons daarom het verhaal van het andere Vlaanderen (en ook van het andere België) steeds opnieuw vertellen. Vlaanderen als verzamelpunt van kritische en gepolitiseerde minderheidsorganisaties, van krachtige anti-racistische alternatieven. Laat ons ook haar geschiedenis steeds opnieuw herschrijven. Niet alleen als onderdrukte taalgemeenschap, maar ook als emigratie- en immigratiegebied, als voormalige kolonisator. En laat ons nieuwe toekomstbeelden bedenken voor Vlaanderen. Niet als onafhankelijk Vlaanderen, maar wel als kweekvijver voor nieuwe identiteiten.

Laat ons dus het verhaal van Vlaanderen steeds opnieuw, maar ook steeds luider, op duizend-en-één verschillende manieren vertellen. Niet alleen het verbasterde Vlaanderen van Tom Lanoye, Wannes Van de Velde of Luc Tuymans, maar ook dat van Rachida Lamrabet of Chika Unigwe, van de Young G’s of J Beezy, van Latif of de broers Ben Chikha en de vele anderen die, vaak in alle stilte, aan een ander verbeelding van Vlaanderen, en van België, werken.

Referenties

Martens, A.; Ouali, N.; Van De Maele, M.; Vertommen, S.; Dryon, Ph. & Verhoeven, H. (2005) Etnische discriminatie op de arbeidsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest : onderzoek in het kader van het Sociaal Pact voor de Werkgelegenheid van de Brusselaars, Brussel: BGDA.

Willaert, D. & Deboosere, P. (2005) Buurtatlas van de bevolking van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bij de aanvang van de 21e eeuw, Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse.


[1] Verschenen in KVS-express, Oktober-November, 2008, pp. 10-12

Een tekst die iedereen gelezen zou moeten hebben omdat hij tot ons culuteel erfgoed behoort:
A text everybody should have read because it belongs to our cultural heritage:
Un texte qui doit être lu par tout le monde parce qu’il fait part de notre héritage culturelle:

Download the PDF where you find also the English and French version.
Thank God we have Brussels by Nadia Fadil

nfbig2

nfbig1

nfbig5

Advertisements

2 thoughts on “Thank God we have Brussels by Nadia Fadil

  1. Pingback: Thank God we have Brussels! By Nadia Fadil « The Wings of the Carp

  2. Geachte Nadia Fadil,
    Ik heb met interesse dit artikel gelezen. Sta me toe het volgende te zeggen:
    Je spreekt over het ééntalige Vlaanderen. Maar zeer vele Vlamingen zijn meertalig, meer dan wie ook. Viertalige VL zijn geen uitzondering! De beste scholen in Brussel zijn de Vlaamse.
    Brussel met zijn 19 gemeentes wordt slecht bestuurd.
    Zeer veel Brusselse jongeren verlaten de school zonder diploma en met weinig taalkennis. De werkloosheid is er zeer hoog. Je zegt daar bijzonder weinig over!
    Mogelijk beter daar wat meer aandacht aan te besteden!
    Gegroet

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s