Reis naar een land dat niet meer bestaat (deel 8/16)

Djevojka: Pisak, zondag 20 juni 1988, 19:00

Zelfs de muren van de huizen onthouden wat ze gehoord hebben in dit verdoemde land. Na elk hevig onweer hebben we hier wel altijd ergens een lek in de gammele afwatering. Het gele drassige water stroomt over de wegen. Soms stroomt de modder de huizen binnen. Telkens weer wordt die modder opgeschept maar de muur onthoudt waar het water is beginnen doorsijpelen, de vloer is die drab niet vergeten en telkens opnieuw zal het vuile water een weg vinden en gele modder achterlaten, tot zolang ze in dit land niet leren om op voortreffelijke manier afwateringen te bouwen. Ik ben het ploeteren beu. Dit vermaledijde land koestert zijn drab en modder, strooit graag zout in de wonde in plaats van te vergeten. Wie in het verleden leeft gaat achteruit en ik wil vooruit. We hebben hier evenveel vuiligheid als in om het even welk ander land, niet meer of minder, alleen we hebben geen zeep genoeg om ze af te wassen. Ik wil hier weg, naar een fatsoenlijk land waar wel zeep is.

Jelena roept: ‘Telefoon!’

‘Halo!.’

‘Heb je ze al nodig gehad, je weet wel?’ valt Branka met de deur in huis. Verkeerd moment.

‘Male connessione, signora! (Verkeerde verbinding, mevrouw!)’

‘Is je vader in de buurt misschien?’

‘Si, signora.’

‘Bel je me terug op dit nummer, ik zit aan de balie tot 10 uur. Ik heb een en ander te vertellen.’

‘Si, signora.’

Om acht uur vertrekt mijn vader eindelijk. Ik bel Branka terug.

‘Halo Branka, je hebt nieuws, ik ben nieuwsgierig.’

‘Vertel eerst eens over Ferre.’

‘Valt niet veel over te zeggen. We hebben mekaar nog niet gezien. Hij is altijd weg met zijn vrouw. Maar jij had nieuws. Of toch niet?’

‘Jawel, ik heb hier een leuke jongen ontmoet die hier is met buitenlandse groep: Nederlanders, Duitsers en Zweden.’

‘Een Zweedse toerist?’

‘Nee, een Nederlander en het zijn geen toeristen. Ze houden hier een soort conferentie.’

‘Conferentie? Van wat?’

‘Wacht… ik heb hier een folder. Hier staat het: European Youth for Action.’

‘Action?’

‘Ja, iets met bossen redden of zo. Het zijn milieu-activisten.’

‘En het bos van Branka moet ook gered worden?’

‘Ja, reken maar.’

‘Ja liefje, zorg maar dat hij je bos niet in brand steekt. Met al die droogte van de laaste dagen.’

‘Ik hou het wel nat hoor!’

‘Heb je al?’

‘Heb je al, wat?’

‘Je weet wel?’

(…)

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s