Spelen met Blogs: het World Wide Web transparanter en socialer maken, of heroveren van de publieke ruimte in cyberspace

Auteur Daniël Verhoeven

Een vraag die mij 3 jaar lang bezig gehouden heeft, en waar nog wel meer Internetpioniers zich zorgen over maken is: ‘Hoe kan je dat eeuwige geruzie op Internet vermijden?’ Het is niet alleen symetrisch aan het geruzie in de reële wereld, het is stukken erger.

Ik heb geprobeerd die vraag pragmatisch aan te pakken. De taalkundige pragmatische aanpak is bijna per definitie interdisciplinair (Zie bvb How do we communicate? en Why rethink interdisciplinarity?). Maar het ontbreekt aan experimenteel bewijsmateriaal wat de basisstellingen van de pragmatiek betreft, behalve dan voor de ontwikkeling van de taal bij kinderen wat niet echt relevant is voor ons probleem.

Tijdens dat tekstonderzoek heb ik face tot face communicatie proberen te vergelijken met email communicatie waaruit ik kon concluderen dat email communicatie een verarmde vorm van communicatie is die gauw aanleiding geeft tot onbegrijpelijke ruzies. Daarover heb ik een ontwerp van artikel geschreven: ‘Avoiding Net-quarrels‘. In dat artikel wijs ik op 5 grondoorzaken voor die ruzies:

living-in_boxes

(1)   Gebrekkige taal met een beperkte woordenschat die vaak resulteren in een gebrek aan humor en waarmee het praktisch onmogelijk is gevoelens over te brengen. Cynisme via email wordt in 95% van de gevallen verkeerd begreopen

(2)   Depersonalisatie. Dikwijls zijn mensen er zich nier van bewust dat er en andere mens hun schrijfsels leest, vooral een andere .   Ze kunnen zich niet in zijn schoenen verplaatsen en de communicatie wordt kil en onpersoonslijk.

(3)   Afwezigheid van belichaming. Gebaren, gelaatstrekken, intonatie …  ontbreken volledig bij communicatie met de computer. Het maakt internet een ondoorzichtig systeem

(4)   De opeenvolging van woord en wederwoord, vraag en antwoord, het toekennen van gelijke rechten in het gesprek gaat volledig verloren via Internet communicatie. De studenten journalistiek ondervonden dat in de praktijk toen ze een life blog wilden maken van een debat over de media. Zie Live vanaf MediaDebat over functioneren van de pers http://www.denieuwereporter.nl/?p=1935

(5)   De sociale context en gedeelde ervaringen en  referentiepunten ontbreken

Alhoewel deze resultaten toch wel enige waarde hebben wordt de verantwoordelijkheid voor het probleem volledig gelegd bij de Internetgebruikers.

Als we de 10 regels volgen die ik  opstelde op basis van mijn tekst onderzoek en die je ook wel terugvindt op academische- of bedrijfsites  heb je inderdaad minder problemen, maar je wordt evengoed afgezeikt, men draait je evengoed een rad voor de ogen als voorheen, vooral via email (typisch voorbeeld is het mailzine van MediaDoc), maar ook op de  open fora en ”open publishing’ sites zonder gedocumenteerde besluitvorming (cfr geschiedenis van Indymedia België) [1] . Ik heb geen problemen met regels in een discussie, integendeel het nut ervan is volgens mij voldoende bewezen, maar die regels moeten voor iedereen gelden in gelijke mate en de besluitvorming over die regels moet even open zijn als de besluitvorming in het Belgisch parlement, anders is de vrijheid en openheid op Internet fake… Een waanvoorstelling. Die karikatuur van openheid en gelijkheid wordt dikwijls opgevoerd door mensen  die de mond vol hebben over democratie en vrije meningsuiting en die  de parlemantaire democratie afkraken. De antipolitiek is koning in dit land, dat is reeds lang Albert niet meer. Natuurlijk schort er in België  een en ander aan de parlementaire democratie (cfr Leterme en zijn fratsen), maar dat ligt meer aan het personeel dan aan het systeem. En het is ook geen democratie van onderop,  dat is een fundamentele kritiek,  maar het is wat we hebben tot nu toe, en wie het niet even goed kan doen staat zwak in zijn argumentatie.

Ook Blogs waar de censuur heer en meester is, de discussieregels niet gedocumenteerd zijn en die niet aansluiten bij een (blog-)community kunnen herleid worden tot lauter broadcast systemen met een feedback mechanisme. Zo maakt men er in feite het ideale panopticon van Grisham van.

Wie zich aan ondemocratisch tot stand gekomen regels wenst te onderwerpen is wel een beschaafde, consistente en beleefde jongen maar ook een dankbare  idioot die zich laat manipuleren. Bij afwezigheid van een ‘sociale derde’ is manipulatie nog altijd troef. Dat was ook een van de basis-stellingen van de Italiaans-Engelse filosoof en ethicus Giovanni Baldelli [2] (Zie ook Thom Holterman, (1986) Recht en politieke organisatie, Een onderzoek naar convergentie in opvattingen omtrent recht en politieke organisatie bij sommige anarchisten en sommige rechtsgeleerden, Zwolle, Tjeenk Willink ISBN 90 271 2541 4). Hier komen de tekortkomingen van de pragmatiek duidelijk aan het licht, daarom gaan we ons verder toespitsen op de sociale linguistiek, de taal sociologie en de taalopvattingen van Bourdieu als achtergrond (zie Bourdieu, Pierre, 1984, ‘Le marché linguistique’. In: Questions de Sociologie. Paris: Les Éditions de Minuit, 121-137). Een citaat uit het werk van Bourdieu dat goed onze drijfveren aan geeft is het voglende:

“Wat het onderzoek van de taal en het verduidelijken van de in de taal gebakken vooroordelen betreft vervoegt de verst gevorderde linguïstiek vandaag  de rangen van de communicatie sociologie. Wat zich afspeelt tijdens de communicatie vind  je niet in de boodschap zelf:  wat van belang is in de communicatie, bijvoorbeeld in de pedagogische communicatie situeert zich in de sociale condities die deze communicatie mogelijk maken. Communicatie in een autoritaire pedagogische omgeving veronderstelt legitieme afzenders, legitieme ontvangers, een ligitieme situatie een ligitieme taal.”

“Er is een legitieme afzender nodig, dit wil zeggen iemand die de impliciete wetten van het systeem erkent, die in hoofde daarvan ook aanvaard en uitgekozen is. Men heeft legitieme ontvangers nodig die door de afzender erkend worden. Dat wil zeggen dat de afzender de macht heeft bepaalde groepen uit te sluiten; maar dat is niet alles, men heeft leerlingen nodig die de leraar als zodanig erkennen en ouders die hem krediet geven, die een blanco cheque geven aan de leraar.”

“Ideaal zou ook zijn dat de ontvangers linguïstisch, een vrij homogene groep uitmaken, homogeen wat taal en kennis betreft en herkenning van de taal betreft [onze arcering] en dat de structuur van de groep de taal die mag gebruikt worden niet censureert… Een legitieme taal is een taal met legitieme fonologische en syntax vormen, dit wil zeggen een taal die beantwoordt aan de gewone grammaticale criteria en een taal die bovenop wat ze uitdrukt ook zegt dat het zo goed gezegd is. En op die manier laat geloven dat het ook waar is wat ze zegt: dit is een van de fundamentele modi operandi om wat vals is voor waar te laten doorgaan. De politieke effecten van een dominante taal kort samengevat worden als: ‘Hij kan het goed zeggen, dus het zal wel waar zijn.’ “(Pierre Boudieu, Intervention au Congrès de l’AFEF, Limoges, 30 octobre 1977, parue dans Le français aujourd’hui, 41, mars 1978, pp. 4-20 et Supplément au n° 41, pp. 51-57. Repris dans Questions de sociologie, Les éditions de Minuit, 1980, pp 95- 112.)

Daarom was ik ook niet voldaan na mijn eerste tekstonderzoek – de sociale dimensie ontbrak – ook al omdat ik zo weinig experimenteel materiaal had waarop ik mij kon baseren. Dan is er ook nog de verantwoordelijkheid van de ontwerpers van Internet: moeten zij geen inspanningen doen om om hun systemen convivialer te maken? Integendeel we zien  vandaag dat de ondoorzichtigheid van Internet toeneemt (zie Peut-on tout confier à GOOGLE ?). Alhoewel de conservatieve filosofen de mond vol hebben van de ‘transparenrt society’ is Internet in het geheel niet transparant tenzij naar beneden toe. Men kan binnenkijken bij de gebruikers, maar die gebruikers hebben geen zicht op het systeem.De dwingende webapplicaties van Web 1.0 hebben nergens bijgedragen tot meer democratie of inspraak! Je vind er gemakkelijker informatie dan vroeger, maar daarmee is de kous af.

Daarom heb ik mijn oorspronkelijke vraag geherformuleerd. De vraag die ik me nu stel is ook constructiever: “Hoe kunnen we Internet doorzichtiger en socialer maken?’. Die vraag zal mij zeker nog een tijdje bezighouden. Ook heb ik nu een reeks experimenten voorbereid die de doorzichtigheid van Internet moeten analyseren om ze te kunnen bevorderen. Experimenten om Internet socialer te maken zijn voorlopig nog niet voorzien, maar we zullen het wel blijven stimuleren, het publiek discours op Internet, en hopelijk stoten we dan op een benaderingswijze die ons toelaat ook dat te onderzoeken. Bovendien zitten er aantal samenwerkignsverbanden tussen Blogs in de pijp. Daarover meer als de afspraken rond zijn. Van een ding ben ik zeker: ook in Europa zullen de verkiezingen meer en meer gewonnen worden op internet.

Maar in België is men er blijkbaar nog niet klaar voor. De hokjes en de kliekjes, de afgunst en het geroddel het is allemaal nog wijd verspreid. Bij ‘Social Networking’ op Internet moeten mensen zich bloot geven, zoals aangetoond in het eerste filmpje. In België bestaat daar nog altijd koudwatervrees voor, behalve – volgens mijn schatting – bij de jeugd, jonger dan 25.  Zij worden dan ook de belangrijkste doelgroep voor mijn onderzoek dat afsluit met een gerichte enquete naar hun zoekgewoontes op Internet. Met dat doel zullen we verschillende zoek tools implementeren en uittesten de komende 2 maand. In deze fase willen we ook de ‘propagation’ van teksten onderzoeken parallel met het uittesten van onze zoektools. Eens onze zoekprogrammas performant zijn laten we ze door onze doelgroep gestructureerd uittesten en vragen we naar hun ervaringen.  Onze zoektools zullen optimaal gebruik maken van Web 2.0 techologie die we dan tegenover de verouderde zoekstrategieën à la Google zullen plaatsen.

The social and collaboration part of Web 2.0 mostly revolves around the concepts of social networking, user-generated content, and the long tail

The social and collaboration part of Web 2.0 mostly revolves around the concepts of social networking, user-generated content

Dit is waar spelen met blogs over gaat: Web 2.0 als een sociale beweging die informatie toegankelijk maakt op een doorzichtige manier.  Right to communicate. Het  chaotische Internet met zijn manipulatieve contextuele reclametechnieken, het oude Internet van het eenrichtingsverkeer heeft afgedaan voor mij.  Ik  zal zijn manipulatie techniekenen in de komende maanden beschrijven en aan de kaak stellen.  Natuurlijk blijven we ook  onze tekstenbibliotheek en video deposit ondertussen aanvullen – het was dankbaar onderzoeksmateriaal en het is het nog meer als we zoeksystemen willen bouwen. Een bibliotheek zonder indexen kan ik me best inbeelden het omgekeerde ligt al wat moeilijker :-). Zowel het nieuws wars van de main stream media als  de laatste teksten van schrijvers als Noam Chmsky, Michael Parenti, Norman Finkelstein, Michel Chossudovsky of Nadia Fadil en nog meer klassebakken blijven het leeuwendeel van deze Blog. Maar interactiviteit komt meer en meer op de eerste plaats.

Wie wil betrokken worden bij de experimenten die nu op til staan kan een mail sturen naar danielverhoeven@deds.nl met ‘Spelen met Blogs’ op de onderwerplijn.

Ik zoek ook experten op de verschillende tereinen waar deze Blog teksten over publiceert: ·  AnalysisDebateCommunicationEcologyEconomyEducationHistoryNewsOpinionPhotosScienceSocialStoriesTechnology om de taal die ze formeel en informeel gebruiken in hun vakgebied te leren kennen om zo tot een dubbele taxonomie te komen een die accuraat is en een die toegankelijk is. Natuurlijk zijn ook litteratuur suggesties zeer welkom.

Er volgen nog meer artikels.  We zoeken ook nog vrijwilligers vertalers, voornamelijk van het Frans naar het Nederlands, maar ook van het Engels naar het Nederlands. Een aantal belangrijke teksten zouden we willen vertalen. Voel je je geroepen om mee te helpen vertalen, geef ons dan een seintje.

Daniël Verhoeven Vrijdag, 6 February 2009

Korte en voorlopige lijst van de achtergrond van het onderzoek

Bootstrapping knowledge representations: from entailment meshes via semantic nets to learning webs

Web 2.0 as a Social Movement by William F. Birdsall

Google’s Attention Deficit Disorder by Tony Curzon Price

Open Archives Initiative Protocol for Metadata Harvestin

The Right to Communicate

Strike 2.0

Social Movements 2.0

web20technicalVideos about Web 2.0


[1] Mediadoc is opgericht door iemand die Indymedia.be met slaande deuren verlaten heeft. Mediadoc verspreidt meerdere nieuwsbrieven per week al of niet tegen betaling. Een oppergod leidt de vertraagde email-discussies, hij neemt over wat hem zint, roddelt er op los en verkondigt bedenkelijk extreem-rechtse standpunten in verband met migratie, terwijl het geheel in een zeer links sfeertje baadt. Indymedia.be is ondertussen geëvalueerd naar een forum voor sociale bewegingen. De kwaliteit van de verslaggeving is er hoog; in de discussies gaat het er heel wat rustiger aan toe dan tijdens de beginperiode, zodanig dat ingrijpen waarschijnlijk minder noodzakelijk geworden is.
[2] “No person in his relationship with another should be exempt from judgement by a third. This is not to say that every two persons have to give regular accounts to or be spied by a third but that a third should be approachable for protection and redress if a person is abused or wants to terminate a relationship.” (Baldelli, Giovanni, ‘Social Anarchism’, 1971, Aldine, Atherton, Chicago/New York, p. 87)


Open Call – Undefined – Community

The Machine is using us

But we must shape the machine

Class of Michael Wesch

Interview with Dan Gilmore

Technologies that made Web 2.0 possible

part 1

part 2

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s